Hoe kun je mensenhandel herkennen?

Wanneer is er mogelijk sprake van mensenhandel? Welke signalen kun je herkennen? Het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel heeft de verschillende signalen in kaart gebracht. Let op: ieder mens kan zich weleens anders gedragen, dit betekent niet gelijk dat er een probleem is. Maar neem je meerdere van de genoemde signalen voor langere tijd waar, dan is iemand wellicht slachtoffer van mensenhandel.

Afhankelijkheid Het slachtoffer:
  • heeft niet zelf de reis naar Nederland geregeld;
  • beschikt over een vals paspoort;
  • heeft geen identiteitsdocumenten;
  • verblijft illegaal;
  • heeft geen eigen woonruimte en/of overnacht op de werkplek;
  • is onbekend met het werkadres;
  • is in sociaal isolement gebracht door de werkgever;
  • heeft schulden bij anderen, heeft eigen financiën niet in beheer;
  • lijkt in een relatie te zijn met iemand die domineert.
Inperking van basisvrijheden Het slachtoffer:
  • mag geen contact hebben met de buitenwereld;
  • wordt medische hulp onthouden;
  • heeft geen zelfstandige bewegingsvrijheid, is nooit alleen, heeft altijd iemand bij zich;
  • heeft geen beschikking over eigen identiteitspapieren;
  • beschikt niet vrijelijk over eigen verdiensten;
  • moet een onredelijk groot deel van de inkomsten afdragen.
Werken onder zeer slechte omstandigheden Het slachtoffer:
  • ontvangt een ongebruikelijk laag loon;
  • heeft uitzonderlijk lange werkdagen of werkweken;
  • werkt onder alle omstandigheden;
  • wordt gechanteerd of zijn/haar familie wordt bedreigd;
  • gaat om met personen die geassocieerd worden met mensenhandel;
  • wordt verplicht om een minimaal bedrag per dag te verdienen;
  • neemt een slaafse houding aan t.o.v. exploitant;
  • werkt en/of woont in gebouwen met camera's, schuilplaatsen, fake inrichting, bodyguards, etc.
Uiterlijke- en gedragskenmerken Het slachtoffer:
  • lijkt bang of verward;
  • is erg nerveus;
  • is vermagerd en ziet er ongezond uit;
  • lijkt onder invloed van verdovende middelen;
  • heeft blauwe plekken, schaafwonden of andere tekenen van fysieke mishandeling;
  • kan of wil niet vertellen waar hij/zij woont;
  • vermijdt oogcontact.
  • geeft inconsistente informatie;
  • is (recent) naar Nederland overgekomen en spreekt geen Nederlands; iemand anders vertaalt voor hem/haar;
  • heeft tatoeages met een of meerdere namen.